Eigen Vraag

Eigen vraag

Als je zelf 'iets' wilt uitzoeken over water moet je eerst een zoekvraag bedenken. Je moet je afvragen wat je precies wilt weten. Want 'iets' over water levert 'niets' op in een zoekmachine. De eerste alinea hieronder kan je helpen aan een zoekvraag en een zoekterm. De tweede alinea leert je meer over zoekmachines. De derde alinea geeft tips voor het vinden van 'goede' websites.

Hoe kom ik aan een zoekvraag?
Bedenk wat je wil weten. Bijvoorbeeld: ik wil weten wat er in water zit? Dat is nog niet nauwkeurig genoeg. Gaat het om bronwater, leidingwater, duinwater, grondwater of rivierwater. Wil je weten of er dieren, planten, bacteriën , zouten, of misschien wel giftige stoffen inzitten? Formuleer je vraag zo nauwkeurig mogelijk. 

Welke belangrijke begrippen (= zoektermen) staan er in je vraag? Die zoektermen vormen samen een 'zoekzin'. In je zoekzin staan alleen zelfstandige naamwoorden. Stel dat je zoekvraag is: Zitten er bacteriën in leidingwater? De zoektermen zijn dan leidingwater, bacteriën. Je kunt aan nieuwe zoektermen komen door synoniemen van je zoektermen te bedenken. Bijvoorbeeld kraanwater of drinkwater in plaats van leidingwater. Als je een zoekterm verkeerd spelt lukt het niet om de juiste informatie te krijgen. 

Hoe werkt een zoekmachine? 
Er zijn zoekmachines die binnen een site zoeken. De Waterlandsite heeft zo'n zoekmachine. Je vindt die onder 'Zoeken' op deze site.

Voor het zoeken op internet kun je gebruik maken van zogenaamde zoekmachines, bijvoorbeeld www.google.nlwww.zoek.nl.  Zij doorzoeken het World Wide Web op jouw zoektermen en geven je de adressen van de websites waarop ze jouw zoektermen hebben gevonden. Soms zijn dat er heel veel. Dan kun je je zoektocht nog verfijnen door een extra zoekterm te bedenken en in te voeren. De zoekmachine gaat dan nogmaals, maar nu binnen je eerste opbrengst, zoeken. 'Google' is daarvoor heel bruikbaar. Die geeft je goede aanwijzingen voor die tweede zoektocht. Je kunt natuurlijk ook zoeken binnen Waterland zelf. 

Zijn de sites die ik gevonden heb goed?
Iedereen kan informatie op het internet zetten, een hockeyclub, een school, een bedrijf of winkel, een universiteit. Dat is een groot voordeel maar ook een groot nadeel van de informatie op het internet. Hoe weet je nu of de informatie juist en betrouwbaar is. Hieronder 6 handige tips:

  1. Wie heeft de site gemaakt? Ken je de maker. Heeft die ook boeken of artikelen over het onderwerp geschreven?
  2. Is de informatie op de site gezet door een universiteit of hogeschool of is de informatie een werkstuk van een leerling of hobbyist?
  3. Let op het adres: .edu voor educatieve instelling, .com voor een bedrijf, .org voor een organisatie.
  4. Met welk doel is de informatie op de website gezet: reclame, online cursus, werkstuk?
  5. Let op het taalgebruik en de opmaak van de site. Daaruit kun je vaak halen of er sprake is van hobbyisme of van een werkstuk van een medeleerling. Dat wil niet zeggen dat de informatie onjuist is, wel dat je de informatie moet vergelijken met andere bronnen.
  6. De betrouwbaarheid blijkt ook uit de vermelding van bronnen.