Binnenwateren
Nederland bestaat voor een groot gedeelte (18%) uit water. Deze gunstige ligging van Nederland aan de Noordzee, met Rijn en Maas als belangrijke verkeersaders, maken Nederland als het ware tot de delta van Noordwest Europa. Van oudsher leidt deze ligging tot grote bedrijvigheid in de zeehavens en op de binnenwateren.
Rotterdam als grootste zeehaven van de wereld en grootste containerhaven van Europa speelt hierbij uiteraard een belangrijke rol. Een groot gedeelte van de doorvoerstroom door Nederland vindt plaats door overlading van goederen van een zeeschip op een binnenschip of andersom. Hierbij profileert de binnenvaart zich als efficiënt, veilig en milieuvriendelijk. Vooral kolen en ertsen worden in de Rotterdamse haven overgeladen op binnenschepen die vervolgens deze goederen vervoeren naar binnenhavens in het Ruhrgebied. Ook de containerstromen van zee- en binnenvaart sluiten steeds beter op elkaar aan.
Steeds meer goederen worden vanuit de Nederlandse zeehavens per binnenschip verder vervoerd. De goederen gaan per binnenschip naar de plaats van bestemming of naar een verder in het achterland gelegen terminal.
Om de binnenwateren bevaarbaar te houden wordt er regelmatig gebaggerd. Baggeren houdt in het op diepte houden van havens en vaarwegen (onderhoudsbaggerwerk) en het winnen en vervolgens opspuiten van zand voor het versterken van stranden en duinen (strandsuppletie) of voor de aanleg van nieuwe haven- en industriegebieden (kapitaalbaggerwerk).
(Bron: Rijkswaterstaat, VBKO)
